Oké, ik loop nu het risico dat jullie, of in ieder geval de jongere garde, na het lezen van dit stukje iets zullen verzuchten als ‘oude man’. Maar vooruit, het zij zo. Ik moet het toch even kwijt. Ik moest de laatste week opvallend vaak terugdenken aan m’n nobele voorganger bij KicXstart, die ooit tijdens een introductie van de BMW HP4 op Jerez de magische woorden sprak: “Ik word te oud voor die onzin.” Dat was nadat hij met kenmerkende zweetparels op het kale hoofd uit pure frustratie de CAN-bus van de superbike had doorgeknaagd omdat ‘ie gek werd van alle digitale liflafjes. Ik stond erbij, keek ernaar en dacht waarschijnlijk vooral ‘ja, je wordt oud.’ Een maand later had Ben KicXstart verruild voor nota bene Bigtwin, ervan uitgaand dat motoren in dat genre wel verschoond zouden blijven van die nerdy nonsens. Euh, nou…

Ik stap zojuist uit het zadel van een Triumph Scrambler 1200. Schitterende machine om te zien. Heerlijk blok. Retro, cool, dikke twin, kortom, zou ook zo in de Bigtwin kunnen. Ware het niet dat de afdeling bits & bytes in Hinckley volledig los lijkt gegaan op deze (op het oog) zo no-nonsense retro. Traction control, (5) ride modes, gasreactie, bluetooth-connectie, GoPro-bediening, welkomstboodschap (zelf aan te passen), dag/nachtverlichting, TFT-schermpje, alles afzonderlijk in te stellen, af te regelen, voor te selecteren met een ‘five way joystick’. Mooi allemaal. Minder mooi is alleen dat het me aanvankelijk niet eens lukt het ding te starten. De dodemansknop heeft een soort quadriple functie als contact/start/stop/aan/uit-ding en dat vraagt op z’n zachtst enige gewenning. Die multifunctionaliteit is weer nodig door de ‘smart key’.

Die geen contactsleutel meer is, maar wel zo smart dat je ‘m altijd heel stupid in je rugzak hebt zitten als je moet tanken. Voor de mooie Monza-tankdop (of het stuurslot) heb je uiteraard wel de ‘key’ nodig. Hoe na diezelfde tankbeurt de tripmeter op nul te zetten ben ik na drie keer m’n rijmodus te hebben veranderd en een keer per ongeluk m’n tante te hebben gebeld uit pure wanhoop maar gaan googelen.

Zomaar wegrijden is er ook niet bij, nee, de computer staat je digitaal bij door automatisch het toerental omhoog te schroeven als je het koppelingshendel richting aangrijppunt manoeuvreert. Iets wat je onbewust heel vaak doet, kom ik – en m’n omstanders met mij – bij een stoplicht plots achter. Deze meedenkende motor gaat er dus standaard van uit dat je het fingerspitzengefühl hebt van een middeleeuwse houtzager. Je ego knapt er niet van op. Na twee dagen rondknorren raakte ik dusdanig opgeslokt door de digitale tierlantijnen dat ik nauwelijks nog doorhad wat een heerlijke motorfiets die Scrambler is. Onder dat digitale oerwoud. Voor de goede orde, het is echt geen Triumph-‘probleem’, de digitale wervelstorm is in heel motorland nauwelijks te stuiten. Nu is daar op 200 (+) sterke superbikes weinig mis mee. Integendeel. Maar laten de fabrikanten het alsjeblieft op een gentleman’s agreement gooien door onder de 130 pk de digitale bemoeienis te beperken tot ABS en (uitschakelbare) traction control. Drie stapjes, max. Dat drijft de prijs ook niet zo op. Of, optie twee, een ‘toeters en bellen’-editie voor de ‘nieuwe generatie’, zodat ze lekker kunnen GoPro’en en connecten, en een analoge versie voor oude mannen als ik, die een potje ongestoord willen motorrijden. Ja, dat had die Ben toch maar mooi in de smiezen…

Randy van der Wal, randy@kicxstart.nl