Vlaams Minister- President Jan Jambon had het duidelijk gezegd tijdens een interview in het VTM-nieuws: hij beschouwt motorrijden als een sport en in die zin zou na 4 mei recreatief motorrijden weer toegelaten worden. Zij het zonder passagier of ook niet met een zijspan, omdat daar geen 1,5 meter afstand gehouden kan worden. Waarbij dus nog onduidelijk bleef of dit ook voor familieleden op één motor gold.

Intussen wordt Jambon teruggefloten vanuit de Federale noodregering door Federaal Minister van Verkeer Francois Bellot. Die haalt aan dat de veiligheidsraad nog niets heeft afgesproken over recreatief motorrijden. Waardoor volgens hem recreatief motorrijden nog steeds verboden zal blijven na 4 mei.

Waarbij we dus in een Kafkaiaanse situatie verkeren in zo al ‘verwarrende tijden.’ Na een rondje woordvoerders bellen kwamen we uiteindelijk uit bij het kabinet van Pieter de Crem, die als Minister van Binnenlandse Zaken over het Ministerieel Besluit gaat (het in wetten gieten van de beslissing die de veiligheidsraad neemt) dat op 4 mei duidelijkheid zal moeten scheppen wat kan en niet kan.

Dat Ministerieel Besluit is het enige rechtsgeldige antwoord op de vraag of we na 4 mei kunnen recreatief motorrijden of niet, maar voorlopig is daar nog geen sluitend antwoord over, omdat er nog steeds aan wordt gewerkt en bijna hobby per hobby wordt bekeken of ze toelaatbaar is of niet. Alles wat toegelaten wordt zal dus klaar en duidelijk in dat Belsuit staan. Tot en met 3 mei is recreatief motorrijden dus in elk geval nog verboden. Of we vanaf 4 mei weer wel recreatief de weg op mogen is dus nog even afwachten op wat er ergens deze week qua Ministerieel Besluit naar buiten zal worden gebracht.

Minister-President Jan Jambon sprak dus voorbarig over een toelating op recreatief motorrijden.

Waarbij we intussen wel even willen melden dat zowel de woordvoeder van Minister Bellot als Minister De Crem aangaven dat ze zelf een motor in de garage hebben staan. Niet dat dit de beslissing van de veiligheidsraad zal beïnvloeden uiteraard, maar helemaal onbewust van het gegeven ‘motorrijden’ zijn bepaalde bevoegde instanties dus niet.