Ik kijk enorm uit naar de prestaties van MotoGP-rookie Francesco Bagnaia. De VR-46 protégé heeft al enorm mooie dingen laten zien in de MotoGP-trainingen. En bovenal is het een nieuw gezicht, met nieuwe motivatie om er iets moois van te maken in de topklasse op twee wielen. Nieuw bloed en nieuwe gezichten zijn goed voor de MotoGP. Dat moet ook Andrea Iannone gedacht hebben. Hij ging voor plastische chirurgie aan z’n kin, maar daar liep iets grondig mis waardoor hij nu de komende testritten in Sepang moet missen.

Kijk, mij maakt het geen flikker uit wat Iannone aan z’n lichaam laat doen. Maar je begint je af te vragen waar Iannone’s motivatie zit. Terwijl een Valentino Rossi er na z’n 40ste verjaardag zo scherp uitziet dat we het woord ‘uitgemergeld’ kunnen gebruiken, terwijl hij iedere dag op z’n ranch jonkies als Bagnaia partij geeft, of je Márquez ook constant beelden ziet posten terwijl hij één of andere motor de nek omwringt, krijg je van Iannone de ene strandfoto na de andere, met variërende graden van ontbloot bovenlijf. En ik weet niet hoe de wetten van Instagram exact werken, laat staan dat ik het wil weten, maar wellicht krijgt hij mooi geld om in één of andere onderbroek staat te paraderen. Maar ook Aprilia zal hem niet voor de spreekwoordelijke nougatbollen laten rijden. En daarvoor wordt in ruil degelijke prestaties en op z’n minst tomeloze inzet verwacht. En ik heb nu al een paar seizoenen bij Iannone de indruk dat daar het schoentje knelt. Ik mis de ‘Maniac’ die de met geen greintje ontzag gasten als Lorenzo te lijf ging op de baan. Om nadien in een nachtclub met diezelfde Lorenzo’s date naar de toiletten te trekken. Het is die nachtclub-episode die hem trouwens van Rossi de ‘Maniac’ bijnaam opleverde. Maar Iannone is maar een schim van zichzelf meer, althans op de motor. En het hele instagram-gedoe levert hem steeds meer kritiek op. In MCN schrijft John McGuinness, op lijfelijk vlak de absolute tegenpool van Iannone, dat hij het ronduit belachelijk vindt. En van een voormalig straatplaveier als McGuinness snap ik dat volkomen. De man heeft in z’n jonge leven tonnen plaveistenen op hun plaats gelegd, voor hij kon leven van motorracen. Die man weet waarom hij z’n best doet op een motorfiets. Of neem Troy Bayliss, die ooit in een koetswerkbedrijf auto’s van een nieuwe lak voorzag en nadien zo keihard racete op de motor, omdat hij nooit meer terug wilde keren. En ik heb niks tegen rijders die zichzelf vermarkten. Giacomo Agostini acteerde ooit in reclame voor Gini in een strandscène en de kleffe slogan ‘Leven van de liefde en Gini.’ Barry Sheene werd een merk op zichzelf en Valentino Rossi bouwde een VR46-imperium op dat hem een miljoen of 12 per jaar opbrengt. Maar het verschil met ‘Plastic Maniac’ Iannone is dat zij altijd motorfietsen en het daarmee keihard aan de slag gaan bovenaan de lijst hadden staan. Of neem Cal Crutchlow. De man zakte naar Sepang af met zeventien (17!) breuken in z’n enkel dat bij elkaar wordt gehouden met een kilo aan metaal. Hij wist geeneens of hij nog zou kunnen rijden. Maar hij stond op wel op de tweede plaats na de eerste dag. Terwijl een pitbox verder Iannone wat in een spiegel z’n wenkbrauwen in de plooi likte, bij wijze van overdrijving. Iannone zal vervangen worden door Bradley Smith. Een kerel die eruitziet als die rosse schlemiel die op school steevast wordt gepest. Maar Bradley is een keiharde werker die nu opnieuw een kans krijgt om zich te tonen. Vooral met z’n helm op, of zwetend in z’n pak terwijl hij de Aprilia ingenieurs feedback geeft over hoe ze de motor sneller kunnen maken. En daar gaat het uiteindelijk toch om? En stiekem hoop ik al dat Smith de rest van het jaar ook aan de slag mag op de Aprilia en Iannone op z’n kin mag kloppen. Maar niet te hard, uiteraard, want anders was die operatie helemaal voor niks.