Ze zijn verstrooid, chaotisch, natuurlijk high en steeds te laat. Hun biotoop bevindt zich in de marge van de maatschappij naar waar soms verfoeilijk, dan weer benijdenswaardig gekeken wordt. Het zijn figuren die ons individualiseren en tegelijk samenbrengen. Het zijn muzikanten. Maar wat als muzikanten gaan motorrijden? Trekken zij bovengenoemde stereotypen genadeloos door tot diep in ons gestructureerde verkeer? Zien zij de dingen vanop twee wielen anders? Of zijn het ook gewone motorrijders zoals u en ik? Dit is een exclusief verslag van de gesprekken met vier van onze motorrijdende sterren.

Erik Van Biesen | Bassist |
Bekend van Gorki, The Paranoiacs, Biezen

Ik ben blijven plakken in Gent. Het gaat er met de kleppen open en dat is vré wijs. Gent prikkelde figuren als Walter De Buck en Luc De Vos die op hun beurt het beste aan de stad en haar bewoners teruggaven. De wonde van hun plotse heengaan is nog vers, maar het leven gaat verder. Ook voor zij die er het dichtstbij stonden.

Door zijn grote gestalte en ZZ Top-achtige haargroei is Erik een opvallende verschijning. Zijn bescheiden huis is dat ogenschijnlijk niet, maar wanneer hij me naar een opnamestudio achteraan loodst, wordt dit plots een wel heel bijzondere plek. “Kijk, hier liggen de gitaren van ‘Lucske’. En zijn versterker staat hier ook nog. Ja man, ‘t is raar, hé.” Hij toont me de opnamestudio die een begeerde gevangenis voor rockmuzikanten moet zijn. “Kijk hier eens”, en hij laat me een grote zwart-witfoto zien waar de kist van Luc De Vos uit de kerk boven een mensenzee gedragen wordt. “Ik heb een moeilijke periode achter de rug. Plots verloor ik mijn beste maat, mijn werk en dit op de vooravond van 25 jaar Gorki. Alles was gepland; optredens, nieuwe opnames, tournees… In het begin kon ik er moeilijk over praten. Nu gaat het al, ik zing er zelfs over. Het was niet gemakkelijk om van Gorki los te komen, want ze bellen je niet zomaar met nieuwe voorstellen. Daarom heb ik met ‘BIEZEN’ een nieuwe plaat gemaakt waarop ik voor het eerst zing. En in het Engels, want ik heb goesting om in het buitenland te spelen – iedere parochiezaal in Vlaanderen heb ik intussen wel een paar keer gezien. (lacht) De mensen kennen mij vooral als de bassist van Gorki, maar ooit ben ik begonnen met klarinet, dan werd ik gitarist en bassist. Ik maakte de opmars van pop en elektronische muziek mee en stiekem ben ik altijd blijven zingen. Op 26 maart stel ik in de Charlatan in Gent voor het eerst mijn nieuwe plaat ‘The Birds Return’ voor. Wil je hem eens horen?” Als bevoorrecht getuige luister ik in avant-première naar de nieuwe nummers, inclusief het hoe en waarom uit de hand van de schepper zelf. Ik zou de muziek omschrijven als het huwelijk tussen Daan en de late Johnny Cash. Vré goe en sterk aanbevolen.

 

“Twee jaar geleden ben ik gestopt met roken en smoren omdat ik terug een motor wilde kopen. Door omstandigheden was ik twee jaar motorloos. Het eerste jaar bijt je nog door, maar het tweede is niet te harden. Makker, het was verschrikkelijk. Ze zeiden me ‘één keer in je leven moet je een nieuwe BMW kopen’. En voilà, ik kocht deze F 700 GS. Voor mij is dit een supermachine en ik reed er het voorbije jaar 18.000 km mee. Dat is mijn type motor. Ik rij al eens graag naast de baan, kuisen is niet aan mij besteed en ik heb op deze motor geen rugklachten, in de auto wel. Tot nu toe hebben ze dus gelijk. Ik wil geen koffers omdat ik zo gemakkelijker tussen het verkeer kan. Er moet wel nog een andere uitlaat op, want met de pruttel nu horen ze me niet altijd komen. Dankzij valschade is hij wat gepimpt en de blauw/witte AA Gent-striping op het schermpje heb ik ook zelf gedaan. Trouwens, als Buffalo-supporter moest ik wel een BMW hebben, want blauw en wit zijn de kleuren van BMW, niet?” We klinken met een pintje en ik vraag of hij weleens onder muzikale invloed rijdt. “Neen, ik rij graag en wil dat met zoveel mogelijk zintuigen beleven. Daarom ben ik vaak met zo’n open pothelm, een werkbril en tuinhandschoenen onderweg. Omdat ik op de motor veel en luid zing, krijg ik dan geregeld vragende blikken vanuit cabrio’s.

 

Motorrijden is voor mij geen toertje op zondag doen. Het is iets van elke dag. Zelfs als ik ‘s nachts in Gent arriveer, durf ik nog eens rond de stad te rijden. Zomaar, omdat het fijn is. Ik steun al jaren MAG en na een supermarktbezoek kom ik altijd met een motorboekje thuis. Onlangs kreeg ik een
S 1000 RR als vervangmotor. Amai, dat deed zeer aan mijn gat. Dat is niets voor mij, ik ben ook geen hardrijder. Mijn snelste motorfiets (een Kawasaki GPZ) is over het muurtje van een kade in het water geknikkerd. Hij werd nooit teruggevonden…”
In Eriks cv verschijnen steevast lesopdrachten. Het verbaast me niets dat hij de jeugd enthousiast kan maken. “Ik geef graag les. Het is boeiend om de persoon aan wie je lesgeeft te laten ontdekken wat hij/zij in zich heeft. Het is een zoektocht naar vrijheid en motorrijden kan daarbij aansluiten. Ik vind het vooral goed omdat het hun verantwoordelijkheidszin aanscherpt; je moet verstandig blijven, zo niet doe je je pijn. Een Johnny in zijn auto gaat dat minder snel aan den lijve ondervinden. Enkele jaren geleden was er een leerling die een nummer over Rossi geschreven had. Er zijn dus wel jonge muzikanten die bezig zijn met motoren. Helaas moeten nieuwe rijders starten op lichte motoren en dat maakt het toch gevaarlijker.”

 

Voor ik het goed en wel besef, ben ik te laat voor mijn volgende afspraak. Ik graai mijn spullen bijeen en groet Erik en zijn vrouw. Ze lachen: “Iedereen die hier komt, vertrekt te laat.” “Dank je,” antwoord ik, “dan heb ik een geldig excuus.” De wonde van verloren figuren in Gent is dan nog vers, het zijn karakters als Erik die het tot een trots litteken helen.

DE MOTOR-CD VAN ERIK VAN BIESEN

1. Silver Bullet (Chris Spedding)
“Deze gitarist is ontegensprekelijk enorm verbonden met de Engelse bikers-cultuur.”

2. Body Shakin’ (Needle And The Pain Reaction)
“Ik reken hen bij mijn beste vrienden! Keep on rockin’!”

3. Watch The North Wind Rise (Hot Tuna)
“Als motorrijden je een gevoel van vrijheid geeft, dan is deze song zeker aan de orde.”

4. The Gravedigger’s Song (Mark Lanegan)
“Wat een stem en wat een sterke groove!”

5. Will You Still Love Me Tomorrow (Herman Brood)
“Ik zal Brood altijd eren als een groot artiest. Thanks for the rock-’n-roll, Herman!”