Geschiedenis is nooit geschiedenis, was het devies van een oud-leraar van me. En hij had overschot van gelijk. Want het heden maakt altijd deel uit van dé geschiedenis, waarbij een beetje kennis van het verleden een verklaring of verduidelijking kan vormen om het heden te begrijpen. Zo ook wat motorfietsen betreft. Het helpt als je vader en zowat de voltallige mannelijke kant van diens familie iets met klassieke auto’s en motoren heeft, om al op jonge leeftijd begeesterd te raken door wat velen als ‘oude meuk’ beschouwen. Maar een beetje kennis van die oude meuk kan je een volledig andere kijk op het heden geven. Je ziet alvast makkelijk waar bepaalde neo-retro modellen de mosterd halen. Of de bal misslaan. Maar als je niet weet hoeveel impact die oorspronkelijke modellen hebben gehad, mis je een deel van de emotie die zulke neo-retro’s veroorzaken. Ik kan me inbeelden dat een 18-jarige niet goed snapt waarom er zoveel te doen is om de Suzuki Katana. Mocht ‘ie weten dat de originele Katana van 1982 tot 2001 onveranderd werd geproduceerd voor de Japanse markt omdat ze er ginds maar niet genoeg van kregen, dan zou diezelfde 18-jarige veel beter begrijpen waarom dat model van betekenis is voor het merk.

Ik word in de motorbranche weleens cynisch bevonden omdat ik niet altijd meega in bepaalde pr-praatjes. Kan ik het helpen dat ik een zogeheten ‘revolutie’ die een bepaald model zou moeten inluiden niet zo revolutionair vind als er bijvoorbeeld al in de jaren 30 een Gilera rondreed met dezelfde technologie aan boord. Of een Tiger tank uit WOII. Of een Mercedes racewagen uit de jaren 50.

Niet zelden zijn diegenen die geschiedenis maar saai vinden, dezelfde mensen die oude verhalen niet aan het heden weten te koppelen. Of willen koppelen. Waarmee ik niet wil zeggen dat je constant met je rug naar de toekomst gekeerd moet staan, maar geregeld in de achteruitkijkspiegel kijken schetst – net als in het verkeer – nu eenmaal een beter beeld van de omgeving waarin je verkeert. Als je zelf hebt leren rijden op een Matchless uit 1958, gevolgd door een Ducati Supersport van 1994, dan is sommige kritiek op moderne motoren onbegrijpelijk. De koppeling is te stroef? Laat me niet lachen.

Ook sportgeschiedenis zet een en ander op een rijtje. De vergelijking tussen enerzijds Marc Márquez & Jorge Lorenzo en anderzijds Ayrton Senna & Alain Prost lijkt er één die er geen is, wegens gegrepen uit de Formule 1. Heb je echter tientallen documentaires gezien en verhalen en boeken gelezen over de strijd Prost-Senna (en doe er Piquet-Mansell bovenop), dan zie je dat collega Mat Oxley niks van de pot rukt, maar de nagel op de kop slaat als hij stelt dat 2019 mogelijk een van de meest interessante MotoGP-seizoenen wordt. Zowel op als naast de baan. Als je de twee beste rijders van een bepaald moment samen zet, gemixt met ego’s, ambitie en een totaal verschillende attitude, dan weet je dat er vonken van komen. Ik voorspel nu al dat een van de twee z’n carrière een serieuze deuk ziet oplopen. En ik ben razend benieuwd wie.

Ik merk op presentaties van nieuwe motoren dat ik vaak het best overweg kan met de oudere collega’s. Omdat die bepaalde zaken in perspectief zetten. Of melancholisch worden van bepaalde motoren die ze hebben gehad of gereden en die de impact van sommige nieuwe modellen in een ander daglicht plaatsen. En omdat ze altijd de mooiste verhalen hebben, die al ontdaan zijn van ego’s en testosteron. Wat kan mij jouw rondetijd schelen als die andere, oudere collega nog de Dakar heeft gereden? Op dezelfde manier was ik een van de weinigen die de leraar geschiedenis uit de openingsregel geen rare oude kwast vond, maar een bijzonder interessant figuur. Omdat hij het allemaal al een keer had gezien en meegemaakt. Ach, misschien word ik gewoon zelf oud…

Pieter Ryckaert, pieter@motorrijder.be