Ben jij ook ’t type dat op kerstavond nog de tankstations in de buurt afdweilt, op zoek naar een ultralastminute kerstgeschenkje voor vrouwlief, je irritante neefje, de hond van de buren en jezelf? Wel, dan is vandaag misschien je geluksdag – als je ’t ziet zitten om nog even naar Italië en terug te bollen, dan toch… Suzuki Italia heeft namelijk net zeven (!) hommage-edities uitgebracht naar aanleiding van de recente MotoGP-titel van Joan Mir: zeven wereldtitels, zeven superhelden, op je honderdste verjaardag. Vieren doe je zo.

Elk van de zeven gelimiteerde versies kan je (voorlopig enkel) via de website van Suzuki Italia bestellen. Je klikt het model van jouw keuze aan, scrollt helemaal naar onder, maakt een aanbetaling van 500 euro en een tikt uiteindelijk verder af tot een totaalprijs van 22.500 euro (btw incl.). Voor die centen krijg je je GSX-R1000R in een unieke kleurstelling volgens de kampioen van je voorkeur, een monoseat en een standaard Akrapovic-uitlaat.

Barry Sheene – 1976

Ondanks een zware crash op Daytona in 1975 – waarbij er heel even voor z’n carrière gevreesd werd – stuurde Sheene zijn RG 500 in 1976 vijf keer naar de overwinning en haalde hij een tweede plaats, wat uiteindelijk ruimschoots genoeg bleek voor een allereerste wereldtitel in de Koningsklasse. Zowel voor de rijder als voor het team: Sheene’s geweldige prestatie bezorgt Suzuki niet enkel de constructeurstitel, er eindigen dat jaar ook negen Suzuki’s in de top 10 van het klassement.

De eerste (!) Barry Sheene Legend Edition krijgt de op de GSX-R1000R aangepaste kleurstelling uit 1976, inclusief het legendarische nummer zeven op de kopkuip en beide zijden van het kuipwerk.

Barry Sheene – 1977

Nog steeds aan boord van zijn trouwe Suzuki RG 500, slaagt de Brit er in 1977 in om zes overwinningen en één tweede plaats te scoren, waardoor Sheene voor de tweede keer op rij wereldkampioen te worden. Een eer die ook Suzuki opnieuw te beurt valt, en ook de top 10 van het kampioenschap is opnieuw rijkelijk gevuld met Suzuki’s – zeven stuks, dit keer.

Ook de 1977-versie wordt bijgevolg opgedragen aan het nummer 7 – want hoewel hij als wereldkampioen recht had op het startnummer 1, weigerde de bijgelovige Sheene dat pertinent.

Marco Lucchinelli – 1981

We maken even een sprong naar vier jaar later: Marco Lucchinelli stapt in 1978 over van Yamaha naar de RG 500 van Suzuki, wat later een gouden zet zal blijken. De eerste jaren gaan een moeizaam, maar 1980 en vooral 1981 worden boerenjaren voor de charismatische Italiaan: hij gaat vijf keer met de bloemen lopen en strandt nog twee keer op het podium – goed voor het wereldkampioenschap van 1981 en het constructeurskampioenschap, met opnieuw vijf Suzuki’s in de top 10.

Marco Lucchinelli kreeg de bijnaam “Crazy Horse” omwille van zijn vrij roekeloze racestijl – wil je bijbehorend ros in huis halen, dan kan je rekenen op de kleurstelling uit 1981 en Lucky’s kampioensnummer 5. Erg geslaagd!

Franco Uncini – 1982

Regerend wereldkampioen Lucchinelli krijgt na zijn titel aanbiedingen van andere teams en stapt uiteindelijk over naar Honda, waarna Suzuki de jonge Franco Uncini het veld instuurt. Uncini beloont het vertrouwen uit Hamamatsu meteen, verdoemt Graeme Crosby en Freddie Spencer tot een tweede en derde stek, en harkt het wereldkampioenschap binnen. Het wordt de zevende constructeurstitel en de tweede Italiaanse wereldkampioen op rij voor de Japanners – Uncini is tevens de laatste Italiaanse wereldkampioen in de Koningsklasse tot… Valentino Rossi.

Om de overwinning van het Wereldkampioenschap in 1982 te vieren, krijgt de GSX-R1000R een volledig blauw jasje, met de graphics en het nummer 13 van Uncini. 

Kevin Schwantz – 1993

Over naar de absolute jeugdheld van onze Pieter: Kevin Schwantz. Waar we gezien de ‘do or die’-techniek van de Amerikaan, met de kenmerkende, extreem late en spectaculaire remmanoeuvres enkel mee kunnen instemmen. In 1993 zal de Texaan z’n Lucky Strike Suzuki RGV500 naar de titel sturen – een eerste voor Suzuki in meer dan een decennium.

Omwille van de ban op tabaksreclame staat het originele logo van Lucky Strike helaas niet op de zijkuip van deze hommage, al maakt het grote nummer 34 (dat overigens werd geschrapt uit de koningsklasse na het pensioen van Schwantz) en de correcte kleurstelling al iets goed.

Kenny Roberts Jr. – 2000

Het is van bij het aantreden van ‘de zoon van’ overduidelijk dat Kenny Roberts Jr. barst van het talent. Hij kruipt in 1999 voor ’t eerst in het zadel bij Suzuki, en mist in z’n eerste jaar op een haar na de titel na enkele ongelukkige races. Maar de jonge Amerikaan laat zich niet ontmoedigen en een jaar later is het wel raak: in 2000 behaalt Roberts Jr. vier overwinningen, en bombardeert zichzelf en z’n vader zo tot het enige vader/zoon-duo dat ooit een 500cc Wereldtitel behaalde in de wegracerij.

Een blauw/gele kleurstelling, Roberts’ nummer 2 en witte velgen: de succesformule voor deze Legend Edition. 

Joan Mir – 2020

Tja, de allerlaatste – eh – eerste in de rij hoeft weinig uitleg, want u kon ’t seizoen de afgelopen maanden vanop de eerste rij meevolgen. De jonge Mallorcaanse rijder hengelde na een bewogen seizoen de titel binnen op zijn Ecstar Suzuki – een ietwat onvoorziene titel, aangezien hij ‘amper’ één overwinning op z’n naam kon schrijven, maar zich door zes podiumplaatsen als meest regelmatige rijder van de startgrid liet zien.

Om de regerende wereldkampioen van het Suzuki Ecstar Team te vieren, versierde Suzuki de laatste replica in deze reeks met enkele gouden details, zoals het nummer 1 op de voorkuip, de grote ‘Suzuki’-letters op de zijkuipen en een wereldkampioenenlogo op de tank. Heb je je VISA-kaart al gevonden, intussen?