De 2021 Ducati Multistrada V4 (S) werd onlangs nog uitgeroepen tot European Motorcycle of the Year, maar als die een tikje buiten je budget valt (…) dan kun je natuurlijk altijd nog teruggrijpen naar een van z’n voorgangers.

In 2010 verving Ducati de Multistrada 1000 DS door de 1200, voorzien van het Testastretta-blok uit de 1198 superbike. Met 150 pk zette Ducati de pk-wedloop in waarmee we nog steeds geconfronteerd worden. Die Multi 1200 werd voorgesteld op een of ander Canarisch eiland, maar onze man herinnert zich enkel nog de schop onder de kont toen hij de eerste keer het gas opendraaide.

De Multistrada was toen (en is nog steeds) een superbike op stelten. De eerste 1200 was dan ook eerder een bruut die vrije loop nodig had om volledig tot z’n recht te komen. De stad was dus niet meteen z’n natuurlijke habitat, zelfs ondanks de rijmodi (toen nog een vrij nieuw gegeven) en tractiecontrole. Er was de gewone versie, de S Sport en de S Touring. De S-modellen hadden al elektronisch instelbare veren, de Touring gooide er nog wat koffers bovenop. De Multistrada 1200 was bloedsnel en ondanks een vrij hard zadel behoorlijk comfortabel, wat ‘m tot een van de betere intercontinentale kruisraketten op twee wielen maakte.

Een productiefout bij een beperkte batch cilinderkoppen maakte dat er gaandeweg slijtage kon ontstaan bij bepaalde exemplaren van de eerste generatie, waardoor de te dun uitgevoerde wand koelvloeistof in de cilinder doorliet. Daarom kijk je het best uit naar een exemplaar waar in de onderhoudsgeschiedenis de vervanging vermeld staat, of eentje met meer dan 20.000 km (waar de slijtage zich manifesteerde). Als je dan toch bezig bent, kijk je het best ook even naar de oliepakkingen, de elektronische vering (die na lange tijd mankementen kan vertonen), de werking van de handvatverwarming en de sensor voor de benzinevoorraad. Ook de bevestigingen voor de bagage kunnen het begeven hebben, en de stootrubbers van de middenbok hebben de reputatie met de noorderzon te verdwijnen.

In 2013 kreeg de Multi 1200 de zogeheten semi-actieve Skyhook-veren, die de demping en veervoorspanning aanpassen aan de belading. Belangrijker was de invoering van een nieuwe cilinderkop met twee bougies (Twin Spark), wat een stuk vlotter en minder bruut reed. In 2015 kreeg de Multistrada de zogeheten Desmodromic Variable Timing (DVT) met variabele kleptiming en 10 pk erbovenop. Dat betekende wel dat de grote onderhoudsbeurten (elke 29.000 km of vijf jaar) nogal duur werden, bedragen met vier cijfers waren geen uitzondering. ABS en tractiecontrole werden hellingshoekgevoelig. Van 2018 tot 2020 gebruikte de Multistrada het 1.262cc-blok van de Diavel en werd vanaf dan de Multistrada 1260, die ook onder de 5.000 tpm vlotter oppakte en een iets stabieler rijwielgedeelte meekreeg.

Vloeistofgekoelde L-twin | 1.198cc | 150/160 pk | 189 kg (droog) | 20 liter | € 8.500 – € 16.500)

Ducati Multistrada