Ik zag laatst bij de supermarkt een vrouw met schoudervullingen. Voor de jonge kijkers onder ons, een schoudervulling is een soort halve eierkoek van schuim die de dames in de jaren 80 op schouderhoogte in de blouse/trui/colbert staken waardoor ze er opeens uitzagen alsof ze onder luide aanmoedigingen van een personal coach een kilo of 100 kilo hadden weggeduwd in de sportschool. Drie maanden lang, twee uur per dag. Het frappante aan het voorval was dat het hier om een hippe, frisgeknipte, charmante dame ging, niet het type dat na de 694ste herhaling van ‘Dallas’ voor het eerst weer eens een frisse neus kwam halen. Waar ik maar mee wil zegen dat vroeg of laat alles weer terugkomt. De snor. De wijde pijp. De grammofoonplaat. De Fiat 500. Patty Brard.

In de motorwereld zijn we ook onderhevig aan dit fenomeen. Een jaar of zes geleden hadden we natuurlijk geen flauw benul dat we gehuld in ruiten bloesjes met de portemonnee rammelend aan een ketting het baardhaar uit ons gezicht zouden slaan in het zadel van een of andere ‘scrambler’. Scrabble, ja, dat kenden we wel, maar scrambler, neuh. Er is nu echter sprake van een terugkeer waar ik me (wel) bijzonder op verheug. Die van de supersport 600. De totaal weggehoonde, uitgelachen, verketterde, voor eens en altijd naar de eeuwige jachtvelden gejaagde supersport 600. Het lijkt opeens de comebackkid te worden van 2019. En dat zal nondeju ook eens tijd worden. De totale instorting van het eens zo machtige supersportrijk (ergens halverwege de jaren 0) heeft me altijd al verbaasd. Van hero naar zero, en dat laatste dan vrij letterlijk in de verkooplijsten, zelden was het verval zo heftig. Het publiek moest ‘t niet meer, de marketingboys zagen er geen brood meer in (druk met noppenbandjes) en hooggeplaatste motorfiguren schreeuwden termen als ‘dood’, ‘passé’, ‘achterhaald’, ‘Yahtzee!’. En zie nu eens. Na de eerste inleidende beschietingen van Yamaha met de (o zo mooie, maar dure) R6 is Kawasaki er nu dus met een opgefriste ZX-6R. En een zeer betaalbare ook nog. Triumph heeft al aangeven ook weer een poging te willen doen ‘als het publiek erom vraagt’. En Honda pielt al wat met typegoedkeuringen in de VS.

Nu gaat het verhaal dat we deze opleving vooral te danken hebben aan de VS, dat de supersport het daar nog steeds redelijk doet en dus nog in leven wordt gehouden. Zal best. Maar dat gezegd hebbende, wat is er überhaupt mis met een zeshonderdje? Het bestaansrecht is nog altijd even evident als pakweg tien jaar geleden. Als betaalbaar alternatief voor de steeds extremer en vooral duurder wordende superbikes bijvoorbeeld. Het hele idee dat je op een supersport een pak meer lol hebt en toch iets minder snel je rijbewijs kwijt bent dan op een superbike – of dikke naked – gaat nog steeds op. Daarbij zullen hele hordes nakedrijders er inmiddels achter zijn gekomen dat juist dat stukkie snelweg naar de Ardennen of Eifel killing is voor je gestel en je humeur. Dat doet een supersportje aanzienlijk makkelijker. En o wee als zich een paar bochten aandienen, of een circuitdag! Kortom, ik verplicht iedereen bij dezen weer een supersport te bestellen. Opdat alles uiteindelijk toch weer terugkomt. En goedkomt. Oké, op de legging na dan. Alsjeblieft niet de legging…

Randy van der Wal, randy@kicxstart.nl